Schaal-Trap
Wat ga je maken?
Teken in je schrift een "Schaal-Trap" met vijf treden. Zet de schaalniveaus op de juiste trede: Mondiaal (bovenaan), Continentaal, Nationaal, Regionaal en Lokaal (onderaan).
Wat moet erin staan?
Verdeel de het onderwerp over de verschillende schalen:
Eisen aan het eindproduct
Zo laat je zien dat je de leerdoelen begrijpt
Je laat zien dat je begrijpt dat geografische verschijnselen zich op verschillende schalen tegelijk afspelen. Je bewijst dat je kunt schakelen tussen een algemeen wereldbeeld en de dagelijkse praktijk bij jou in de buurt.
Teken in je schrift een "Schaal-Trap" met vijf treden. Zet de schaalniveaus op de juiste trede: Mondiaal (bovenaan), Continentaal, Nationaal, Regionaal en Lokaal (onderaan).
Wat moet erin staan?
Verdeel de het onderwerp over de verschillende schalen:
- Op welk schaalniveau speelt de tekst zich vooral af? Zet daar de belangrijkste feiten uit de tekst neer.
- Gebruik internet om het onderwerp op de andere schaalniveaus te bekijken. Als de tekst over Nederland (Nationaal) gaat, zoek dan op wat er over dit onderwerp bekend is op de wereld (Mondiaal) of in jouw eigen buurt (Lokaal).
- Noem op elke trede een specifiek voorbeeld (een land, een stad, een continent of een gebied). Gebruik ook iconen of tekeningen.
Eisen aan het eindproduct
- De trap heeft vijf treden die in de juiste volgorde staan
- Op elke trede staat minstens één concreet voorbeeld of feit dat te maken heeft met het hoofdonderwerp.
- Je hebt voor minimaal drie treden zelf informatie opgezocht die niet in de tekst stond.
Zo laat je zien dat je de leerdoelen begrijpt
Je laat zien dat je begrijpt dat geografische verschijnselen zich op verschillende schalen tegelijk afspelen. Je bewijst dat je kunt schakelen tussen een algemeen wereldbeeld en de dagelijkse praktijk bij jou in de buurt.
Voorbeelden
Template
Gebruik de onderstaande template om je opdracht uit te werken.


