• Home
  • Onderbouw
    • Module 1
    • Module 4
    • Module 5
    • Module 12
  • VMBO KGT
    • SE1 Arm en Rijk
    • SE2 Bronnen van Energie
GeoStap
  • Home
  • Onderbouw
    • Module 1
    • Module 4
    • Module 5
    • Module 12
  • VMBO KGT
    • SE1 Arm en Rijk
    • SE2 Bronnen van Energie
Picture

GS5_4 | Productiewijze

In deze tekst leer je hoe bedrijven verschillende manieren gebruiken om producten te maken of diensten te leveren. We kijken naar arbeidsintensief, arbeidsextensief, kapitaalintensief en kapitaalgoederen. Deze woorden helpen je te begrijpen waarom sommige bedrijven veel mensen nodig hebben, terwijl andere vooral machines gebruiken. Dit is belangrijk, omdat het veel invloed heeft op kosten, snelheid en kwaliteit.

Arbeidsintensief betekent dat een bedrijf veel mensen nodig heeft om het werk te doen. Denk aan een restaurant waar koks, afwassers en serveerders samenwerken om gasten te helpen. In jouw dagelijks leven zie je dit bijvoorbeeld bij een kapper of bij een schoonmaakteam op school. Arbeidsintensief werk past vaak bij producten of diensten waarbij machines niet alles kunnen. Daardoor staat dit begrip tegenover kapitaalintensief werk, waar juist machines centraal staan.

Arbeidsextensief betekent dat er weinig mensen nodig zijn voor een bepaald werk. Dat kan omdat het werk simpel is of omdat een groot gebied weinig aandacht vraagt. Een voorbeeld is een boer met een groot stuk land dat weinig onderhoud nodig heeft. Je ziet het ook bij een parkeerplaats waar bijna niemand hoeft rond te lopen. Arbeidsextensief lijkt dus minder druk dan arbeidsintensief, maar hangt tegelijk samen met kapitaalintensief, omdat machines soms het werk kunnen overnemen.

Kapitaalintensief betekent dat bedrijven vooral machines, robots of computers gebruiken in plaats van veel personeel. Een voorbeeld is een moderne fabriek waar robots auto’s in elkaar zetten. Dit zie je ook bij zelfscan-kassa’s in supermarkten, waar minder kassamedewerkers nodig zijn. Kapitaalintensief werk hangt direct samen met kapitaalgoederen, want zonder die hulpmiddelen kan dit type productie niet bestaan. Tegelijk is het het tegenovergestelde van arbeidsintensief werk.

Kapitaalgoederen zijn de hulpmiddelen die bedrijven gebruiken bij de productie. Dat kunnen machines zijn, maar ook gebouwen, computers, vrachtwagens of gereedschap. Een simpel voorbeeld is een grasmaaier die een hovenier helpt sneller te werken. Kapitaalgoederen maken productie efficiënter, want ze vervangen of ondersteunen arbeid. Daarom passen ze perfect bij kapitaalintensief werk, waar machines een grote rol spelen.

Deze vier begrippen vormen samen twee belangrijke tegenstellingen. Arbeidsintensief werk gebruikt vooral mensen, terwijl kapitaalintensief werk vooral machines gebruikt. Arbeidsextensief ligt meer aan de “rustige” kant van arbeid: weinig mensen zijn nodig, vaak door simpele taken of grote oppervlakten. Kapitaalgoederen vormen het hart van kapitaalintensieve productie, omdat machines het werk overnemen. Zo zie je dat bedrijven altijd een keuze maken tussen meer mensen of meer machines.

  • Extra – havo & vwo: Mechanisatie betekent dat machines het zware of handmatige werk overnemen, maar dat mensen nog steeds de machines bedienen. Denk aan een tractor op het land: de boer stuurt, de machine doet de kracht. Automatisering gaat een stap verder: dan voeren computers en robots taken uit zonder dat er steeds iemand bij hoeft te staan. Een voorbeeld is een lopende band in een fabriek die zelf producten sorteert. Beide begrippen vergroten kapitaalintensief werk en zorgen ervoor dat bedrijven sneller en goedkoper kunnen produceren.

​Je hebt geleerd dat bedrijven kiezen tussen arbeidsintensief werk, waar veel mensen nodig zijn, en kapitaalintensief werk, waar machines belangrijk zijn. Arbeidsextensief betekent weinig arbeid, en kapitaalgoederen zijn de machines die het werk ondersteunen. Samen laten deze begrippen zien hoe bedrijven hun productie zo slim mogelijk proberen te organiseren.

Leerdoelen

  1. Ik kan uitleggen wat arbeidsintensief werk is en met een voorbeeld laten zien waarom daarbij veel mensen nodig zijn.
  2. Ik kan beschrijven wanneer werk arbeidsextensief is en uitleggen waarom er dan weinig mensen nodig zijn.
  3. Ik kan laten zien hoe kapitaalgoederen worden gebruikt bij kapitaalintensief werk en uitleggen waarom machines daar belangrijker zijn dan mensen.
  4. (hv) Ik kan verklaren hoe mechanisatie en automatisering ervoor zorgen dat bedrijven minder arbeid nodig hebben en meer kapitaalintensief worden.

Aan de slag!

Kies één of twee opdrachten uit de bestanden en verwerk jouw keuze duidelijk in je schrift of portfolio. Schrijf de code en titel van de theorie altijd bovenaan je uitwerking.
Picture
Picture
Picture

LeerCheck

  1. Leg in je eigen woorden uit wat arbeidsintensief werk is en geef een voorbeeld dat jij kent.
  2. Beschrijf een situatie waarin werk arbeidsextensief is en leg kort uit waarom weinig mensen nodig zijn.
  3. Noem één kapitaalgoed en leg uit hoe dit helpt om werk kapitaalintensief te maken.
  4. (hv) Leg uit hoe mechanisatie of automatisering ervoor zorgt dat een bedrijf minder personeel nodig heeft.

Voor de docent

Gebruik werkvormen om de theorie snel en actief te bespreken in de klas. Voor verdieping of toetsing kun je de toetsvragen inzetten als formatieve check of proefwerkmateriaal.
Picture
Picture

​GeoStap – Ontdek de wereld op jouw manier!

GeoStap brengt aardrijkskunde tot leven met innovatief lesmateriaal, actuele geografische inzichten en unieke leermethodes. Ontdek onze methode via de GeoStap-website, Learnbeat en inspirerende concepten zoals GeoBeat en NieuwsKompas.
© GeoStap – Alle rechten voorbehouden
  • Home
  • Onderbouw
    • Module 1
    • Module 4
    • Module 5
    • Module 12
  • VMBO KGT
    • SE1 Arm en Rijk
    • SE2 Bronnen van Energie